Cscbiologie.jouwweb.nl

 

Over CSc

Natuurlijk is het interessant om te weten wie er nou voor de klas staat elke week! Daarom zal ik hier iets over mezelf vertellen.

Ik ben geboren in Nederland, maar ook getogen in Curaçao van de voormalige Nederlandse Antillen. Ik heb mijn middelbare schoolperiode daar doorgebracht, waardoor ik nog steeds veel 'last heb' van de Antilliaanse normen en waarden. In Nederlandse ogen kan ik daarom soms ineens streng zijn, goede manieren erg waarderen en soms lijk ik misschien een beetje ouderwets. Ik vind dat wat strengere regels en discipline helemaal geen kwaad kunnen in een vrij land zoals Nederland, omdat het anders een rommeltje wordt. Ik vind dat er mensen moeten zijn die het goede voorbeeld geven. Als er teveel te kiezen is en alles mag, wordt het ook saai en onoverzichtelijk. Het schijnt dat mensen daar niet gelukkig van worden. Overdaad schaadt, schaarste creëert waardering en geluk. Een voorbeeld: op de Antillen is er weinig vandalisme.

Ik heb één zusje. Zij is modeontwerpster en heeft haar eigen modelabel Mytsah opgestart (www.mytsah.com). Zij maakt opvallend kleurrijke en sexy designkleding op maat voor vrouwen, voorlopig voor een mooie prijs. Waarschijnlijk hebben mijn leerlingen haar gezien op een van de eerste cultuurdagen. Verder heb ik nog steeds bijna alle familie op Curaçao, waardoor ik tijdens vakanties soms terugga. Dat is natuurlijk heerlijk om te genieten van de zon op je eigen thuiseiland, want dat blijft het wel. Of ik ooit terug ga emigreren, dat weet ik nog niet. De tijd zal het leren, maar voorlopig vermaak ik me prima in Nederland met mijn hobby's en mijn leuke baan.

In Nederland ben ik ooit terug gekomen om te studeren. Ik deed een wetenschappelijke studie in Wageningen, waar ik een tijd heb gewoond. Na een tijdje ontgroeide ik wel het studentenleven en zocht de Randstad weer op. Ik had het erg naar mijn zin in Leiden, en nu in Voorschoten. Ik wilde eerst dierenarts worden, ik ben nl. gek op dieren. Maar dierbiologie was een hele goede keuze. Hier kwamen meer aspecten van de dieren naar voren die mij interesseerden. In vergelijking met diergeneeskunde leerde ik veel meer over de natuur i.p.v. over ziektes en genezing alleen. En er was daar meer diepgang in dan bijv. diermanagement of iets dergelijks. Ik heb mijn studie verder op alle vlakken kunnen uitbreiden, waar ik daar behoefte aan had. De WUR liet me daar lekker vrij in. Op deze manier ben ik erg fanatiek geworden op de gebieden van fysiologie (kennis van het lichaam en de evolutie van huisdieren), ethologie (gedragskunde en training), anatomie (hoe het lichaam er van binnen uit ziet) en wat parasitologie (kennis van wormen e.d.). Door het krijgen van deze kennis heb ik erg veel respect en bewondering gekregen voor de natuur. Deze fascinatie probeer ik in de biologielessen uit te dragen, om het leuk en spannend te maken.

Tijdens mijn biologiestudie kwam er een keer beroepsoriëntatie voorbij, waarna ik erachter kwam dat ik ofwel het onderzoek in wilde, of het onderwijs. Ik heb tijdens mijn studie twee afstudeeronderzoeken gedaan, een over verwilderde huiskatten op Curaçao en een over het gedrag van Dartmoorpony's. Onderzoek doen (of het aanleren ervan) vind ik dus ook erg leuk. Ik had het onderwijs eerder niet achter mezelf gezocht. Ik gaf al heel wat jaren paardrijles in Curaçao en Wageningen. Maar na een snuffelstage (toevallig bij HWt in Rotterdam!) bleek ik het onderwijs heel leuk te vinden en besloot (ook voor de wereldwijde werkgelegenheid) de lerarenopleiding te doen. Ik vond Leiden een leuke stad, waardoor ik die daarvoor uitkoos.

Tijdens de stageperiode werd ik op een school geplaatst, waar ik vrijwel direct een baan aangeboden kreeg. Omdat ik de sfeer op deze school erg prettig vind, werk ik daar nog steeds met veel plezier. Het onderwijs is een zware baan, zowel fysiek als mentaal. Dat komt omdat je zoveel verschillende dingen tegelijk moet kunnen doen, en je werkt met heel veel mensen wat in geval van moeilijkheden ook heel ingewikkeld kan zijn. Maar de omgang met jongeren is zo vreselijk gezellig dat ik denk ik nooit meer stop met lesgeven. Als ik 's middags of 's avonds in de auto alleen naar huis rijd kijk ik, hoewel ik dan erg moe ben, al uit naar de volgende lesdag.

Wat me verder erg bezighoudt, is de paardensport. Ik ben een fanatiek trainer van mijn pony. Rijden doe ik jammer genoeg nu veel minder dan de afgelopen 23 jaar. Tijdens mijn laatste afstudeeronderzoek heb ik een bijzondere band opgebouwd met een jonge pony die veel te klein blijft voor mij om op te rijden. Ze heet Wonder van Droevendaal en is 1.15 m hoog. Ik heb deze pony (ras Dartmoorpony) nu in mijn bezit en ik train haar met veel plezier. Omdat ze nog jong is en ik wil dat ze heel gezond, sterk en werkwillig blijft, leid ik haar heel langzaam op tot een pony die nergens van schrikt, haar werk met plezier doet en ook wat kunstjes kan (een soort politiepony die pootjes geeft). Ondertussen kan ze ook voor een karretje ingespannen worden. Dat aanleren, daar was ik als amateur daarin wel even zoet mee. Aan alle elementen van deze sport moet ze langzaam worden gewend (enkele zijn: naar de commando's leren luisteren, vanaf de achterkant kunnen sturen, hoofdstel en tuig dragen, bit in de mond, op de weg lopen en auto's passeren, tegen de bomen (stokken vanaf de kar) leren duwen om de bocht door te komen, en nog wel meer). Het is veel werk, maar het ging uitstekend! Uiteindelijk hoef ik eindelijk niet meer ernaast/erachter te lopen. Vanaf 2012 ben ik ook begonnen haar op te leiden in de academische rijkunst bij Ylvie Fros (volgens de manieren van de oude meesters die in de oudheid de paarden van ridders, koningen en andere hoge heren opleidden). Paarden moeten dan gymnastiekoefeningen moet doen om zo soepel en sterk te worden voor het werk dat ze gaan doen. Zo ontstaan er veel minder blessures, waar veel sportpaarden tegenwoordig mee kampen na korte of lange tijd, door slijtage of verkeerde belasting. Verder hebben enkele kinderen op Wonders rug gezeten en ze vond het goed. Maar verder mag zij zelf aangeven waar haar talenten liggen. Want dieren zijn altijd eerlijk tegen je (als je tenminste goed kijkt en luistert). En als jij altijd eerlijk bent naar hun, dan verbazen ze je elke keer hoeveel ze voor je willen doen.

Ik vind dit een mooie eigenschap van dieren. Ik heb van ze geleerd om dat in het dagelijkse leven ook te doen: echt eerlijk zijn en een ander in zijn waarde laten. Sinds ik deze pony heb, leef ik op deze manier en het leven is veel makkelijker geworden!

foto met WonderCSc en Wonder sept 2011
CSc en pony Wonder september 2011 (Dartmoorkeuring in Hengelo Gld.)